Wat kun je doen met een blender in de keuken
Een blender is ongelooflijk veelzijdig. Je kunt hem gebruiken om drankjes, soepen, sauzen, dips, beslag en babyvoeding te maken. Hij is ook ideaal voor simpele keukentaken zoals het malen van noten of havermout.

Wat kun je doen met een blender
Wat kun je doen met een blender in het dagelijks gebruik? In de praktijk draait het vooral om mengen, pureren en fijnmaken. Een blender werkt het best met ingrediënten die van nature vocht bevatten of waaraan je wat vloeistof toevoegt. Daardoor is hij geschikt voor veel snelle recepten die weinig voorbereiding vragen.
Dat maakt hem handig op drukke dagen. Je maakt in korte tijd een ontbijt, een soep of een dip, zonder veel pannen of kommen vies te maken. Hieronder zie je de bekendste toepassingen en waar je op kunt letten voor een beter resultaat.
Smoothies en shakes maken
Wat kun je doen met een blender als je snel iets wilt drinken? Smoothies en shakes staan dan meestal als eerste op de lijst. Je mengt fruit, zuivel of plantaardige drank in een paar tellen tot een glad geheel. Dat is handig voor ontbijt, na het sporten of als tussendoortje.
Voor een smoothie werkt deze opbouw meestal het prettigst:
- Begin met vloeistof onderin de kan. Denk aan melk, yoghurt, karnemelk, sap of water. De messen kunnen dan meteen goed draaien. Daardoor blijft er minder snel fruit bovenin hangen en krijg je meestal sneller een glad resultaat zonder onnodig lang te mixen.
- Voeg daarna zachte ingrediënten toe. Banaan, aardbeien, mango, perzik en avocado zijn hier goede voorbeelden van. Ze mengen makkelijk en vormen een romige basis. Daardoor smaakt de smoothie vaak voller, ook als je weinig extra zoet of zuivel gebruikt.
- Doe bevroren of harde ingrediënten als laatste erbij. IJsblokjes, diepvriesfruit of stukjes appel zakken dan geleidelijk naar beneden terwijl de rest al in beweging is. Dat werkt rustiger voor de motor en voorkomt dat alles meteen vastloopt in de kan.
Voor shakes geldt hetzelfde principe. Een eiwitshake met melk, banaan en havermout wordt in de blender vaak gladder dan in een shaker. Een milkshake met ijs, aardbeien en melk maak je er ook eenvoudig mee.
Soepen en sauzen pureren
Wat kun je doen met een blender voor lunch of avondeten? Dan kom je al snel uit bij soep en saus. Een blender is ideaal om gekookte groenten fijn te maken tot een gladde, egale basis. Dat is handig als je een romige structuur wilt zonder ingewikkelde bereiding.
Denk bijvoorbeeld aan tomatensoep, pompoensoep of courgettesoep. Ook sauzen worden vaak mooier van textuur als je ze mixt. Een simpele tomatensaus met ui, knoflook en kruiden wordt gladder en voller van smaak als alles goed gemengd is.
De blender is vooral handig voor:
- soep van geroosterde of gekookte groenten
- pastasaus zonder grove stukjes
- pizzasaus met kruiden
- currysaus
- groentesaus voor kinderen
Laat warme gerechten wel altijd iets afkoelen voordat je gaat blenden. Zo werk je veiliger en voorkom je dat hete damp de deksel omhoog drukt.
Dips en spreads mengen
Ook voor hartige smeersels is een blender erg praktisch. Je zet in korte tijd iets vers op tafel voor de lunch, borrel of barbecue. Denk aan hummus, pesto, tapenade of een frisse yoghurtdip met kruiden en knoflook.
Het fijne is dat je zelf bepaalt hoe glad of grof het eindresultaat wordt. Bij hummus wil je meestal een zachte, smeuïge structuur. Bij pesto of tapenade is een beetje bite juist lekkerder. Door de pulseerstand te gebruiken, houd je daar meer controle over.
Een blender is vooral handig als je:
- snel een dip voor rauwkost wilt maken
- restjes kruiden wilt verwerken
- een broodbeleg zonder pakjes of potjes wilt bereiden
- smaken precies wilt afstemmen op je eigen voorkeur
Dat maakt zelfgemaakte spreads vaak niet alleen lekker, maar ook flexibel in gebruik.
Beslag en desserts bereiden
Veel mensen denken bij een blender niet meteen aan beslag, maar juist daarvoor is hij verrassend handig. Een basis van melk, eieren en bloem is snel glad gemengd. Daardoor heb je minder last van klontjes en staat het beslag sneller klaar.
Dat werkt goed voor pannenkoeken, wafels en sommige cake- of muffindeegsoorten. Ook voor toetjes kun je hem prima gebruiken. Een fruitcoulis, vanillesaus of een snelle cheesecakevulling lukt vaak zonder veel moeite.
Handige toepassingen zijn bijvoorbeeld:
- pannenkoekenbeslag
- wafelbeslag
- saus voor over ijs of yoghurt
- dessertcrème op basis van fruit of zuivel
- mengsels voor eenvoudige baksels
Mix beslag wel niet te lang. Anders kan het zwaarder worden dan nodig, vooral bij wafels of luchtige baksels.
Babyvoeding fijnmaken
Voor ouders is een blender vaak een praktisch hulpmiddel. Je maakt er makkelijk verse babyvoeding mee van groente, fruit, aardappel, rijst of kip. Zo bepaal je zelf wat erin zit en kun je zout, suiker en andere toevoegingen eenvoudig beperken.
Begin met zachte combinaties die goed te pureren zijn. Denk aan appel met peer, wortel met aardappel of courgette met kip. Voeg zo nodig een beetje kookvocht, water of melk toe om de puree soepeler te maken.
Dat is handig om verschillende redenen:
- je past de structuur aan op de leeftijd van je kind
- je kunt kleine porties maken
- je gebruikt vaak gewone ingrediënten uit de gezinsmaaltijd
- restjes zijn makkelijk in te vriezen in kleine bakjes
Zo wordt zelf babyvoeding maken overzichtelijk en goed vol te houden.

Dranken maken met een blender
Wat kun je doen met een blender als je vooral snel iets wilt bereiden? Dan zijn drankjes een logisch beginpunt. De blender is gemaakt om vloeibare en zachte ingrediënten snel met elkaar te mengen. Daardoor is hij ideaal voor ontbijt, sportmomenten of een fris drankje op een warme dag.
Voor gezinnen is dat extra handig. Rijp fruit dat anders zou blijven liggen, verander je in een paar minuten in iets bruikbaars. Ook kinderen drinken fruit, yoghurt of melk vaak makkelijker als het in een glas zit dan los op een bord.
Smoothies met fruit en yoghurt
Smoothies met fruit en yoghurt zijn populair omdat ze simpel, snel en makkelijk aan te passen zijn. Je kiest een basis van yoghurt en voegt daar fruit aan toe. Daarna bepaal je zelf of je de smoothie dik, fris of juist wat romiger wilt maken.
Deze combinaties werken in de praktijk bijna altijd goed:
- Banaan met aardbei en yoghurt geeft een zachte, toegankelijke smaak. Banaan maakt het geheel romig en licht zoet. Daardoor is deze combinatie ook geschikt voor kinderen die zure smoothies vaak minder lekker vinden.
- Mango met Griekse yoghurt en een scheut sinaasappelsap levert een vollere smoothie op. De yoghurt zorgt voor romigheid, terwijl het sap het mengsel makkelijker drinkbaar maakt. Dit werkt goed als ontbijt of als vullend tussendoortje.
- Blauwe bessen met appel en gewone yoghurt geeft een frissere smaak. Vooral als je er een beetje havermout aan toevoegt, wordt het een steviger drankje dat langer verzadigt en dus handig is op drukke ochtenden.
Gebruik liever rijp fruit dan extra veel zoetstof. Rijp fruit geeft van zichzelf al meer smaak en maakt de smoothie natuurlijker zoet.
Eiwitshakes en milkshakes
Een blender is ook handig voor eiwitshakes. Zeker als je poeder gebruikt, krijg je met een blender vaak een gladder resultaat dan met een beker en een zeefje. Dat scheelt klontjes en maakt de shake prettiger om te drinken.
Je kunt een eenvoudige eiwitshake maken met:
- melk of water
- proteïnepoeder
- banaan
- havermout
- eventueel pindakaas of cacao
Voor milkshakes ligt de nadruk meer op smaak en structuur. Dan gebruik je meestal melk met ijs en fruit, siroop of cacao. Mix kort, zodat de shake dik en koud blijft. Als je te lang blendt, smelt het ijs sneller en wordt het geheel dunner.
IJskoffie en koude drankjes
Ook voor koude drankjes is een blender handig. Een zelfgemaakte ijskoffie is bijvoorbeeld eenvoudig: laat gezette koffie eerst afkoelen en mix die daarna met melk, ijsblokjes en eventueel wat vanille of suiker.
Dat is praktisch als je thuis iets fris wilt maken zonder veel gedoe. Je kunt ook denken aan:
- koude koffie met havermelk
- watermeloendrank met munt
- limoen met crushed ice
- een frisse mocktail met sinaasappel en rood fruit
Vooral op warme dagen is dat prettig. Met een blender maak je snel drankjes die goed koud zijn en meteen geserveerd kunnen worden.
Vruchtensap met zachte ingrediënten
Een blender kan ook gebruikt worden om een soort vruchtensap te maken. Dat is meestal wat dikker dan sap uit een sapcentrifuge, omdat de vezels behouden blijven. Juist dat vinden veel mensen prettig, omdat het drankje dan meer body heeft.
Zachte ingrediënten werken het best, zoals:
- sinaasappel
- aardbei
- kiwi
- druiven
- meloen
Wil je het dunner maken, voeg dan wat water, kokoswater of extra sap toe. Als je een gladder drankje wilt, kun je het mengsel na het blenden door een zeef schenken. Dat haalt een deel van de pulp eruit, maar kost wel wat vezels en volume.
Soepen en sauzen maken
Wat kun je doen met een blender buiten drankjes om? Soepen en sauzen zijn dan misschien wel de meest praktische toepassing. Je gebruikt restjes groente, maakt snel een gladde basis en kunt de smaak eenvoudig aanpassen met kruiden, bouillon of room.
Dat is vooral handig in drukke huishoudens. Een pan groentesoep of een zelfgemaakte saus voor pasta past makkelijk in een gewone weekplanning. Bovendien eten kinderen gepureerde groente vaak net wat makkelijker dan losse stukjes.
Tomatensoep en groentesoep pureren
Voor een gladde tomatensoep kook of rooster je tomaten eerst met ui en knoflook. Daarna voeg je bouillon toe en blend je alles tot een egale soep. Door de groenten eerst te roosteren, wordt de smaak vaak wat zoeter en dieper.
Hetzelfde werkt voor andere groentesoepen. Handige combinaties zijn:
- wortel met gember
- pompoen met kokosmelk
- courgette met prei
- bloemkool met aardappel
Een blender is hier vooral nuttig omdat de structuur mooi gelijk wordt. Dat geeft een romig mondgevoel, ook als je geen room gebruikt. Een aardappel of wat linzen zorgen vaak al voor voldoende binding.
Pastasaus en pizzasaus mengen
Zelf pastasaus maken hoeft niet ingewikkeld te zijn. Bak ui en knoflook zacht, voeg tomaten en kruiden toe en laat het even sudderen. Daarna blend je de saus glad of halfglad, afhankelijk van wat je lekker vindt.
Voor pizzasaus is iets meer stevigheid meestal fijner. Een te dunne saus maakt de bodem sneller slap. Gebruik daarom niet te veel vocht en mix kort. Zo blijft de saus smeerbaar, maar niet waterig.
Handige smaakmakers zijn:
- oregano
- basilicum
- knoflook
- een beetje olijfolie
- eventueel wortel voor extra zachtheid
Dat laatste is vooral prettig als je de saus iets milder wilt maken voor kinderen.
Dressings en marinades maken
Voor dressings werkt een blender heel prettig, omdat olie en zure ingrediënten beter mengen. Met de hand schift een dressing sneller, terwijl de blender juist helpt om alles tot een gladde emulsie te maken.
Een simpele basis is vaak al genoeg:
- olijfolie
- azijn of citroensap
- mosterd
- peper
- kruiden naar smaak
Voor marinades geldt hetzelfde. Doordat alles goed gemengd is, verdeelt de smaak zich gelijkmatiger over vlees, vis, tofu of groenten. Een yoghurtmarinade met knoflook en citroen voor kip werkt bijvoorbeeld heel anders dan een olieachtige marinade voor gegrilde paprika of courgette.
Hete inhoud veilig laten afkoelen
Bij warme gerechten is voorzichtig werken belangrijk. Veel mensen gieten soep rechtstreeks van de pan in de blender, maar dat is niet altijd slim. Hete stoom kan zich ophopen onder de deksel, waardoor die omhoog kan komen tijdens het mixen.
Werk daarom liever zo:
- Laat de inhoud eerst een paar minuten afkoelen. Zelfs een korte wachttijd maakt verschil. De stoom neemt af en de kans op spatten wordt kleiner. Dat is veiliger voor je handen, je aanrecht en je gezicht.
- Vul de kan niet tot de rand. Hete vloeistof beweegt krachtig zodra de messen beginnen te draaien. Als de kan te vol zit, neemt de kans op lekken of overdruk duidelijk toe. In twee kleinere porties werken is vaak verstandiger.
- Start op een lage stand. Zo komt de inhoud rustig op gang. Als je meteen vol gas begint, bouwt de druk sneller op. Vooral bij dikke soep of saus kan dat onrustig en onveilig worden.

Dips en spreads maken
Wat kun je doen met een blender als je snel iets hartigs op tafel wilt zetten? Dips en spreads zijn dan ideaal. Ze vragen vaak maar een paar ingrediënten en zijn snel klaar. Dat maakt ze handig voor lunch, borrel, barbecue of een simpele avond met brood en rauwkost.
Bovendien kun je goed variëren met wat je nog in huis hebt. Een restje kikkererwten, kruiden, olijven of zachte boter is vaak al genoeg voor iets lekkers. Juist dat maakt een blender zo praktisch in dagelijks gebruik.
Hummus glad mengen
Hummus is een van de bekendste spreads uit de blender. De basis bestaat uit kikkererwten, tahin, citroensap, knoflook en olijfolie. Door alles goed te mixen krijg je een zachte, smeuïge dip voor brood, wraps of groenten.
Voor een mooi resultaat helpen deze tips:
- gebruik goed afgespoelde kikkererwten
- voeg tijdens het blenden beetje bij beetje vocht toe
- proef op citroen en zout
- mix iets langer voor een gladdere structuur
Een scheutje koud water helpt vaak beter dan extra olie als de hummus te dik blijft. Daardoor wordt hij luchtiger zonder meteen zwaar of vet te smaken.
Pesto kort pulseren
Pesto hoeft niet volledig glad te zijn. Sterker nog, veel mensen vinden een iets grovere pesto lekkerder. Je proeft dan beter de basilicum, pijnboompitten en kaas. Daarom is kort pulseren vaak beter dan lang doormixen.
Gebruik bijvoorbeeld:
- basilicum
- Parmezaanse kaas
- pijnboompitten
- knoflook
- olijfolie
Voeg de olie liever rustig toe dan in één keer. Zo zie je beter wanneer de pesto smeuïg genoeg is. Te lang mixen kan de saus zwaar maken en de frisse groene kleur wat doffer laten worden.
Tapenade grof houden
Tapenade is juist lekker als hij niet helemaal fijn is. Stukjes olijf, kappertjes of zongedroogde tomaat geven meer karakter dan een volledig gladde pasta. Daarom werkt de pulseerstand hier opnieuw het best.
Zorg dat je proeft voordat je extra zout toevoegt. Olijven, ansjovis en kappertjes zijn van zichzelf al behoorlijk zout. Vaak is wat citroenrasp, peper of een scheutje olie genoeg om de smaak rond te maken zonder dat het te heftig wordt.
Kruidenboter zacht mixen
Kruidenboter maak je makkelijk met zachte roomboter en verse kruiden. De blender mengt alles snel door elkaar, al werkt het alleen goed als de boter echt op kamertemperatuur is. Koude boter blijft sneller in stukjes hangen.
Lekkere toevoegingen zijn:
- peterselie
- bieslook
- knoflook
- citroenrasp
- zongedroogde tomaat
Kruidenboter is niet alleen lekker op stokbrood. Je gebruikt hem ook op warme maïs, aardappels of gegrilde groenten. Dat maakt het een handige smaakmaker die je vooraf kunt maken en in de koelkast kunt bewaren.

Ontbijt en beslag bereiden
Wat kun je doen met een blender in de ochtend? Meer dan je misschien denkt. Juist voor ontbijt en beslag is hij erg handig. Je maakt snel een glad mengsel zonder lang te kloppen of te roeren, en dat scheelt tijd op drukke dagen.
Voor gezinnen is dat prettig. Terwijl de pan alvast warm wordt, maak je in een paar minuten beslag voor pannenkoeken of wafels. Ook kleine ingrediënten, zoals havermout of noten, verwerk je makkelijk in hetzelfde apparaat.
Pannenkoekenbeslag zonder klontjes
Een blender is ideaal voor pannenkoekenbeslag. Je doet melk, eieren, bloem en een snuf zout in de kan en mixt kort tot het beslag glad is. Dat gaat vaak sneller dan met een garde en geeft minder kans op klontjes.
Laat het beslag daarna nog even rusten. Dat klinkt als een klein detail, maar het helpt echt. De bloem neemt dan beter vocht op, waardoor de pannenkoeken vaak mooier bakken en iets gelijkmatiger van structuur worden.
Je kunt het beslag ook aanpassen met:
- kaneel
- vanille
- banaan
- een handje havermout
- spinazie voor hartige varianten
Zo maak je met dezelfde basis makkelijk verschillende soorten pannenkoeken.
Wafelbeslag snel mengen
Ook wafelbeslag maak je makkelijk in de blender. Melk, eieren, boter en bloem vormen snel een glad mengsel. Dat is handig, want juist bij wafels wil je geen droge klonten of ongelijk verdeeld vet in het beslag.
Mix wel kort. Als je te lang doorgaat, kan het beslag zwaarder worden en krijg je minder luchtige wafels. Eerst de natte ingrediënten mengen en daarna pas de bloem toevoegen werkt vaak het best. Zo mengt alles gelijkmatiger zonder overbodig lang te draaien.
Havermeel kort malen
Heb je geen meel in huis, maar wel havermout? Dan kun je met een blender eenvoudig zelf havermeel maken. Een paar korte mixbeurten zijn vaak al genoeg om de vlokken fijn te krijgen voor pannenkoeken, muffins of bananenbrood.
Dat is handig omdat je:
- snel iets kunt bakken zonder extra boodschappen
- de hoeveelheid precies afstemt op je recept
- kunt kiezen tussen grover of fijner meel
- restjes havermout slim benut
Maal liever niet meteen een heel grote hoeveelheid. Vers gemalen haver neemt sneller vocht op en blijft minder lang mooi dan verpakt meel.
Noten fijn pulseren
Noten fijnmaken lukt ook goed in de blender, zolang je de pulseerstand gebruikt. Dat is belangrijk, want noten bevatten veel olie. Als je te lang mixt, worden ze warm en veranderen ze eerder in pasta dan in stukjes.
Gebruik fijngehakte noten bijvoorbeeld voor:
- yoghurt of kwark
- havermout
- cake- of muffinbeslag
- topping op ijs
- een krokant laagje op ovengerechten
Werk in korte stoten en schud de kan zo nodig even tussendoor. Zo blijven de stukjes gelijkmatiger en houd je meer controle over de textuur.

Desserts en ijs maken
Wat kun je doen met een blender als je iets zoets wilt maken? Ook dan komt hij goed van pas. Met bevroren fruit, yoghurt, sap of chocolade maak je in korte tijd een toetje of een frisse traktatie. Vaak heb je er niet veel ingrediënten voor nodig.
Dat maakt de blender handig voor gewone doordeweekse desserts. Je hoeft geen ingewikkelde technieken te kennen. Juist simpele recepten werken vaak het best, zolang je let op de verhouding tussen vocht, suiker en bevroren ingrediënten.
Nicecream van bevroren fruit
Nicecream is een eenvoudig dessert op basis van bevroren fruit, meestal banaan. Door dat te blenden ontstaat een romige massa die sterk aan ijs doet denken, maar vaak minder zwaar is dan klassiek roomijs.
Een paar praktische tips helpen veel:
- laat bevroren fruit heel kort ontdooien
- begin met kleine porties
- voeg pas extra vocht toe als het echt nodig is
- schraap tussendoor de zijkanten van de kan schoon
Banaan geeft de meeste romigheid. Voeg je aardbei, mango of cacao toe, dan krijg je snel variatie zonder dat het recept ingewikkeld wordt. Serveer nicecream het liefst direct na het mixen.
Sorbet met fruit en sap
Sorbet maak je eenvoudig met fruit en een beetje sap. Denk aan framboos met sinaasappel, mango met limoen of aardbei met appel. De blender zorgt voor een glad mengsel met een frisse, duidelijke fruitsmaak.
Wil je de sorbet wat lichter houden, gebruik dan niet te veel zoetstof. Rijp fruit geeft vaak al genoeg smaak. Een beetje citroen- of limoensap maakt het geheel frisser en voorkomt dat het te vlak smaakt. Serveer direct of zet het nog even terug in de vriezer voor een stevigere textuur.
Crushed ice voor drankjes
Veel blenders kunnen crushed ice maken, maar niet elk model is daar even geschikt voor. Kijk daarom altijd even in de handleiding. Vooral bij lichtere modellen kan veel ijs achter elkaar te zwaar zijn voor de motor of messen.
Als jouw blender het aankan, gebruik dan korte pulsen. Zo krijg je beter controle over de korrelgrootte. Fijn crushed ice koelt drankjes direct af, terwijl grovere stukjes minder snel smelten. Dat is handig voor ijskoffie, limonade, mocktails of cocktails.
Romige dessertsaus mengen
Een blender is ook handig voor dessertsauzen. Denk aan aardbeiensaus, chocoladesaus of een eenvoudige karamelsaus. Vooral fruitsauzen maak je er snel mee, omdat zacht fruit zich makkelijk laat pureren tot een glad geheel.
Een goede fruitsaus bestaat vaak al uit:
- zacht fruit
- een klein beetje honing of suiker
- eventueel wat citroensap
- soms een scheutje water
Mix eerst en proef daarna. Is de saus te dik, voeg dan iets van vocht toe. Is hij te dun, laat hem later nog even inkoken in een pannetje. Zo houd je controle over smaak en structuur.
Zo gebruik je een blender beter
Wat kun je doen met een blender hangt niet alleen af van het recept, maar ook van hoe je hem gebruikt. Met een paar simpele gewoontes voorkom je vastlopende messen, ongelijk gemixte inhoud of een resultaat dat te dun of juist te grof uitvalt.
Juist die kleine dingen maken in de praktijk het verschil. Zeker als je vaak smoothies, hummus, soep of beslag maakt, levert een goede werkwijze meer gemak op en meestal ook een beter eindresultaat.
Doe eerst vloeistof in de kan
Begin bij de meeste recepten met wat vloeistof onder in de kan. Dat helpt de messen direct op gang en zorgt ervoor dat de rest van de ingrediënten makkelijker wordt meegenomen.
Dat lijkt een klein detail, maar het werkt echt. Zonder vloeistof kan er een luchtbel rond de messen ontstaan. Dan draait de blender wel, maar blijft de inhoud erboven hangen. Vooral bij dikke smoothies of dips gebeurt dat snel.
Voeg zachte ingrediënten daarna toe
Na de vloeistof zijn zachte ingrediënten meestal aan de beurt. Denk aan yoghurt, banaan, gekookte groente, avocado of zachte vruchten. Die vormen een soepele laag die de overgang naar hardere ingrediënten makkelijker maakt.
Dat helpt de blender om geleidelijk te werken. Je krijgt sneller een egale mix en hoeft minder vaak te stoppen om alles los te roeren. Zeker bij dikkere recepten is dat prettig.
Gebruik harde ingrediënten als laatste
Harde ingrediënten, zoals ijs, bevroren fruit, noten of rauwe wortel, voeg je het best als laatste toe. Terwijl de zachte basis al draait, zakken ze langzaam naar beneden. Daardoor hoeft de motor niet meteen al het zware werk tegelijk te doen.
Dat is niet alleen prettiger voor het apparaat. Het geeft vaak ook een mooier eindresultaat, met minder grote stukken die boven in de kan blijven hangen.
Werk met korte pulsen
De pulseerstand is een onderschatte functie. Juist bij pesto, noten, tapenade, crushed ice en dikke mengsels geeft pulseren meer controle dan lang achter elkaar mixen.
Je voorkomt ermee dat alles onnodig fijn wordt. Bovendien kun je beter zien hoe de structuur zich ontwikkelt. Dat is handig als je geen gladde puree wilt, maar juist een grovere dip of een luchtiger mengsel.
Roer tussendoor als het vastloopt
Soms draait de motor, maar beweegt het mengsel nauwelijks. Dat gebeurt vaak bij hummus, nicecream of een heel dikke smoothie. Stop de blender dan eerst volledig voordat je ingrijpt.
Roer daarna met een spatel of lepel voorzichtig langs de zijkanten en duw de inhoud wat naar beneden. Voeg alleen extra vloeistof toe als dat echt nodig is. Doe dat in kleine beetjes, zodat het mengsel niet ineens te dun wordt.

Conclusie
Een blender is voor veel meer doeleinden te gebruiken dan alleen smoothies. Je kunt er drankjes, soepen, sauzen, dips, smeersels, beslag, desserts en zelfs babyvoeding mee maken. Daardoor is het een van de meest veelzijdige keukenapparaten. Met slechts een paar eenvoudige ingrediënten maak je snel heerlijke gerechten. Als je let op de volgorde van de ingrediënten, voldoende vloeistof gebruikt en voorzichtig omgaat met hete ingrediënten, kun je er nóg lekkerdere maaltijden mee bereiden.